Behandeling van een psychose

Bij de behandeling van een psychose komt een goed contact op de eerste plaats. De psychiater of de verpleegkundige gaat uitzoeken waar iemand precies last van heeft. En, voor zover iemand daar open voor staat, uitleggen wat er aan de hand is. Bij een behandeling worden vrijwel altijd medicijnen aangeboden. Het medicijn tegen een psychose noemen we een antipsychoticum. Dat betekent letterlijk: tegen een psychose. Soms wordt ook een medicijn gegeven tegen de onrust en de angst. Het gaat dan om een gewoon kalmeringsmiddel.

Thuis blijven

Dikwijls kan iemand met een psychose gewoon thuis blijven. Er volgen regelmatig gesprekken en er wordt gekeken of de medicijnen voldoende werken. De familie moet ook altijd betrokken worden bij de behandeling. Door gesprekken met uitleg en tips. De familie maakt immers iemand mee in het dagelijkse leven. Wie thuis redelijk intensieve begeleiding nodig heeft, krijgt hulp van het Flexible-ACT-team. Zij hebben veel deskundigen die allemaal bereid zijn om je verder te helpen.

Soteria

Wanneer iemand te onrustig is om thuis te blijven, is er bij Emergis een huis waar mensen met een (eerste) psychose terecht kunnen. Dat huis heet Soteria. Mensen van 65 jaar en ouder gaan naar de afdeling ouderenpsychiatrie.

Het komt ook voor dat een mens met een psychose helemaal geen hulp wil. Dan proberen we langzamerhand het vertrouwen te winnen. Maar soms moeten we ingrijpen omdat iemand bijvoorbeeld zichzelf verwaarloost of andere mensen bedreigt. In dat geval kan iemand tegen zijn zin worden opgenomen. Voor zo’n gedwongen opname moet altijd, eventueel via de huisarts, contact worden opgenomen met Emergis.

Printversie van deze paginaPrint