Afsluiting

11 De regiebehandelaar sluit de behandeling af en zorgt voor een goede overdracht
Tijdens een evaluatie of op een ander moment kan blijken dat het niet meer nodig, mogelijk of wenselijk is om de behandeling binnen Emergis voort te zetten. De regiebehandelaar bespreekt dan met de cliënt in hoeverre de cliënt tevreden is over de behandeling en welke wensen en mogelijkheden er zijn voor nazorg of andere zorg. De regiebehandelaar zorgt, met toestemming van de cliënt, voor een goede overdracht aan de huisarts en een eventuele andere zorgaanbieder. Totdat dit contact heeft plaatsgevonden blijft de regiebehandelaar verantwoordelijk voor de coördinatie van de zorg en blijft hij hiervoor het aanspreekpunt.

Aandachtspunten bij de fase van afsluiting:

  • Als de cliënt de behandeling wil afsluiten maar de regiebehandelaar niet
    De regiebehandelaar legt dan uit waarom hij de behandeling wil voortzetten. Bij blijvend verschil van mening, respecteert de regiebehandelaar de wens van de cliënt. Vindt de regiebehandelaar echter dat het afsluiten gevaar met zich meebrengt, dan weegt hij af of de behandeling zo nodig gedwongen moet doorgaan. In beide situaties bekijkt de regiebehandelaar de mogelijkheden voor behandeling bij een andere zorgaanbieder.
  • Als de regiebehandelaar de behandeling wil afsluiten maar de cliënt niet
    De regiebehandelaar bespreekt de situatie in het multidisciplinair overleg en zoekt samen met de behandelaren en de cliënt naar een alternatief of oplossing.
  • Als de psychische klachten van de cliënt veranderen of een crisis plaatsvindt nadat de behandeling bij Emergis is afgesloten
    Dan is de huisarts of de regiebehandelaar van de zorgaanbieder waar de cliënt op dat moment behandeld wordt het centrale aanspreekpunt voor de cliënt.
Printversie van deze paginaPrint